Het Kompas

Al je dromen in het klein waarmaken
SLIEDRECHT – Catherine Kieffer exposeert nog tot 10 november met poppenhuisminiaturen in de wisselvitrine van het Sliedrechts Museum. Te zien zijn: een bloemenstalletje, theehoekje, 70-er jaren huiskamer, bakkerij, oosters zaakje, handwerk- en quiltwinkel en een Victoriaanse dame. Mocht men nu dat dus alle poppenhuisspulletjes momenteel in het museum staan, dan heeft men het mis. In haar hobbykamer thuis, staat een replica van de woning van haar grootmoeder, een landelijk huis, een Victoriaanse bibliotheek, een curiosawinkeltje, een kersthuis en een handwerkmuseum in wording. Ook is er een poppenhuis met kinderspeelgoed en minipoppetjes met zelfgemaakte kleding. En dat alles op schaal 1:12.

Catherine zag in 1993 een leuk plaatje van een poppenhuis in een tijdschrift. ,,Het poppenhuisvirus woedde al enige tijd in Nederland en dat wist ik wel, maar ik had me heilig voorgenomen om absoluut niet aan een nieuwe hobby te beginnen, want ik had er al zoveel.” En ze vertelt dat ze ook nog olifanten en Sliedrechtse ansichtkaarten spaart. “Maar vooral verzamel ik alles wat met handwerken te maken heeft. Van patronen, tot tijdschriften tot oude klosjes. Ik heb twee passies en tig hobby’s en te weinig tijd.” Onder de tig hobby’s vallen onder meer: tekenen, lezen, puzzelen, muziek beluisteren en computeren. Als passies kunnen dus de poppenhuizen en het handwerken gezien worden, die op de schaal van 1:12 regelmatig gecombineerd werden. Voor de poppenhuizen haakte Catherine ooit tientallen setjes minipannenlappen en breidde ze heel veel minuscule poppenjurkjes, die ze op de poppenbeurs verkocht. Hieraan had ze zoveel werk, dat ze aan haar eigen poppenhuizen niet meer toe kwam. Dus de laatste jaren maakt ze alleen nog dingen voor eigen gebruik.

Terugkomend op het verhaal van het ontstaan van de poppenhuispassie: ,,De foto in dat tijdschrift riep zoveel herinneringen op aan mijn jeugd op dat ik het blad kocht.” Het ademde de sfeer van het huis van haar oma. Later zag ze op een beurs een miniatuurnaaimachine net zoals haar oma had. ,,Het kostte 100 gulden! Ik liep er langs en nog een keer. Ik ging later nog eens terug. Veel te duur. Maar ja, het was wel oma’s naaimachine. Dus ik kocht het. En hiermee begon de inrichting van het huis uit mijn kinderjaren, waar ik zoveel geweldige herinneringen aan heb, met replica’s van de meubels en spullen uit die tijd.” Er staat bijvoorbeeld een Jaarsma kachel met een kolenkit in de woonkamer. In de studeerkamer staat de schrijfmachine waar Catherine als kind op mocht tikken en in de keuken is zelfs mini boerenbont servies te bewonderen. Ook staat er een houtoven, met een gaskookplaat erop: ,,Een wonderlijke combinatie, maar dat heeft zo zijn reden. In de oorlog was de houtoven een uitkomst en mijn grootmoeder wilde er geen afstand van doen. Toen de gaskookplaat zijn intrede deed in de keuken had ze een probleem. Er was geen plaats voor. Dan maar op de houtoven, heeft oma gedacht.”

Inmiddels staan er dus nog veel meer poppenhuizen in huize Kieffer. Ook echtgenoot John blijkt wel lol in de hobby van zijn vrouw te hebben. Hij maakte een geweldig leuke website waar van alles te zien en te lezen is over de hobby’s van zijn vrouw. Duidelijk is wel dat de miniaturen een groot deel van het leven van Catherine uitmaken: ,,Ga je naar de Marskramer om een vaasje te kopen en dan kom je thuis met drie ingelijste miniatuurtjes. Ik sta bij wijze van spreken, bij de slager nog rond te kijken of er iets geschikts is voor in één van mijn huizen.”
(c) Foto: Richard van Hoek

Op het moment is Catherine vooral bezig met het realiseren van een handwerkmuseum. Er is al een quiltzaal, een manufacturenwinkeltje, een borduurtentoonstelling, een haak- en breiafdeling en een weefzaal met een echt weefgetouw. ,,Dat getouw maakte vakminiaturist Han Goergen voor me (naar een ontwerp van Bert Aarts), maar het was zo’n klus, dat hij gezegd heeft daar nooit meer aan te beginnen.

Overigens is volgens de verzamelaarster, alles op de schaal van 1:12 gewoon te koop op beurzen en in de vele poppenhuiswinkels die Nederland kent. We blijken er zelfs in ons Baggerdorp één hebben: “Atelier een op Twaalf ” van Stineke Faber (www.eenoptwaalf.nl). Stineke is één van Catherines drie poppenhuisvriendinnen. Samen met Lenie de Jong en Inge Landers bezoeken ze beurzen en komen eens per maand bij elkaar om aan miniaturen te werken. ,,Stineke en Lenie hebben al eens een prijs gewonnen met een miniatuur. En Inge is nog niet zo lang bezig, maar die is zo goed, dat ze beslist ook naam gaat maken in de poppenminiatuurwereld.”

Op de vraag wat het nou precies is, wat haar zo boeit aan de poppenspulletjes, antwoordt Catherine: ,,Je kunt al je dromen in het klein waarmaken.”
Sliedrechts Museum, Kerkbuurt 99-101. Openingstijden woensdag en zaterdag van 14.00 tot 17.00 uur.
Zie ook: www.cj-web.nl.


Tekst: Margreet Strijker